Nieuwe regionale krachten wakker kussen
Limburg en Zeeland willen, als het aan Emile Roemer en Hugo de Jonge ligt, niet meer bekendstaan als krimpregio’s. Volgens hen is dit verleden tijd, of zelfs nooit aan de orde geweest. Als bestuurders hebben ze ambitieuze plannen. Als wetenschapper waarschuwt sociaal-geograaf Marco Bontje voor iets te veel optimisme.
Breek Hugo de Jonge, commissaris van de koning in Zeeland, de mond niet open als het gaat over krimpbeleid. “Ik denk dat dit veel negatieve effecten heeft gehad”, zegt hij. “Krimpbeleid betekent dat ambtenaren op de ruimtelijke afdelingen van gemeenten en provincies worden getraind om nee te zeggen. Nee tegen groei. Nee tegen woningbouw. Nee tegen projectontwikkelaars. Nee tegen alles en iedereen die iets van de omgeving wil maken. Die houding is dodelijk. Gelukkig is ‘groei’ in Zeeland in alle gemeentelijke coalitieakkoorden inmiddels weer de norm.”
In die andere zuidelijke provincie, Limburg, herkent gouverneur Emile Roemer wel iets in de woorden van zijn Zeeuwse collega. “Als een regio een bepaald stempel krijgt, kun je daar gruwelijk veel last van hebben”, zegt hij vanuit zijn dienstauto. Roemer is op weg naar de opening van een sportpark in Geleen door koning Willem-Alexander. “Wij hebben dat Calimero-gevoel juist al lang en breed achtergelaten, omdat we een regio hebben met veel potentie. Waar kun je in een wereld die oproept tot meer Europese samenwerking beter zitten dan in het hart van Europa – wat Limburg is? Ik heb in Den Haag weleens als grap gezegd: ‘Jullie zien ons als een uithoek van het land. Maar als ik een cirkel van 100 kilometer trek rond Maastricht, wonen daar 15 miljoen mensen. Doe ik hetzelfde rond Den Haag, dan hebben we 15 miljoen vissen. Wat is dan de uithoek?’”
Geen demografische krimp
Beide bestuurders bezweren dat hun provincies de laatste twintig jaar geen demografische krimp hebben gekend. Roemer houdt voor de komende decennia rekening met een lichte groei. Dit betekent niet dat Zuid-Limburg het niet lastig heeft gehad, of dat Zeeland geen grote uitdagingen heeft. “In grote lijnen zie je dat Zeeland sterk vergrijst en sterk ontgroent”, zegt De Jonge. “Deze trends zijn hier sterker dan in de rest van het land, en dat verzwakt je als provincie. Jongeren trekken weg voor hun studie; getalenteerde en ondernemende mensen, die we juist hard nodig hebben. En daar waar je een magneet wil zijn voor jonge gezinnen, is de feitelijke situatie dat veel pensionado's uit de Randstad bij ons een huis kopen. Voor de arbeidsmarkt is dat geen versterking. Op dit moment hebben we zo'n 10.000 vacatures. Die zijn moeilijk in te vullen en dit wordt alleen maar lastiger. Wat ons te doen staat, is dat tij keren.”
In het najaar wil Zeeland met de rijksoverheid een strategische agenda afspreken, onder de noemer ‘Zeeland 2050’. De eerste pijler is woningbouw. “Als je extra wijkjes bij de dorpen bouwt, kun je de scholen behouden en het dorp interessant houden voor ondernemers.” Bij de Zeeuwse steden wil De Jonge juist grootschaliger woningbouwprojecten. “We willen steden die bruisen. Dat is nodig om aantrekkingskracht te genereren.”
Plek van aankomst
Pijler twee is onderwijs. “Jongeren die academisch onderwijs willen, vertrekken uit Zeeland. Dat is al tientallen jaren aan de gang. We zijn een plek van vertrek, maar willen een plek van aankomst worden. Daarvoor moeten we ons onderwijsaanbod completeren: we hebben een fantastisch mbo en hbo, maar het academische onderwijs is dun. University College Roosevelt is alleen een bacheloropleiding. Daarom willen we samenwerken met universiteiten buiten Zeeland, die met ons mbo en hbo een alliantie beginnen, toegespitst op de uniciteit van onze provincie. Op de delta, en alles wat je hier kunt op het vlak van energie, voedsel en water.”
De Jonge vervolgt: “De derde groeipijler is ‘Clean Energy Port’. Onze North Sea Port, die bestaat uit de havens van Vlissingen, Borssele, Terneuzen en Gent, is de tweede haven van Nederland. En de derde haven van Europa als het gaat om economische toegevoegde waarde. Er werken ruim 100.000 mensen. Ons ideaalbeeld is dat de North Sea Port de leidende haven wordt in groene energie en groene industrie, met name de energie-intensieve industrie.”
Ook Roemer wil wegblijven van krimpbeleid. Het was er wel: de malaise in de oostelijke mijnstreek was ooit aanleiding voor ‘Parkstad Limburg’, een samenwerking van onder meer Heerlen en Kerkrade. “Ik ben zelf waarnemend burgemeester geweest in Heerlen”, zegt Roemer. “Na de mijnsluiting moest er ander werk komen. En wat kwam er? De Belastingdienst, het CBS en pensioenfonds ABP. Daar had een doorsnee mijnwerker niks aan. Pas toen er nieuwe maakindustrie kwam, verdween de krimp. Wat enorm gewerkt heeft, was autofabriek VDL. Die is daarna wel met de auto-industrie gestopt, maar er wordt nu volop gewerkt aan een nieuwe invulling. Ook is er in Zuid-Limburg veel mkb bijgekomen, net zoals een aantal grote bedrijven uit de medisch-technologische industrie: de Abbotts en de Medtronics van deze wereld.”
Rouwproces
Sociaal-geograaf Marco Bontje (Universiteit van Amsterdam) weet dat elke regio die kampt met demografische verschuivingen door een rouwproces moet. De kunst om een regio opnieuw uit te vinden, ontstond in de voormalige DDR. Na de Duitse eenwording verpieterde Oost-Duitsland door de moeilijke privatisering van de staatsbedrijven en de introductie van de dure D-Mark.
“Tussen 2002 en 2004 was ik postdoc-onderzoeker aan een onderzoeksinstituut in Leipzig, een stad die al decennia te maken had met demografische krimp. In de Oost-Duitse tijd werd Leipzig een stad van zware industrie. Bijna meteen na de val van de Muur werden die bedrijven gesloten. Daar kwam niet meteen een andere economie voor in de plaats. Pas toen ik er woonde, begon de omslag van krimp naar groei. De wat grotere steden in Oost-Duitsland waren de eersten die daarin slaagden. Deels door hun eigen beleid, deels door geld van de federale regering en vooral door veel Europees geld voor stadsvernieuwing en infrastructuur. De grootste steden profiteerden daar het eerste en het meeste van. Maar de echt kleine steden en het landelijk gebied blijven nog steeds achter.”
Krimpspook
Het krimpspook bezocht niet alleen het voormalige Oostblok. Ook West-Europa kreeg bezoek. Een voorbeeld is de regio van het Ruhrgebied tot aan Nederlands en Belgisch Limburg: in deze streek werden de mijnen gesloten en verdween zware industrie naar Azië. Intrigerend vindt Bontje het concept van de Internationale Bauausstellung (IBA), dat in het Ruhrgebied is geïntroduceerd. Binnen de kaders van zo’n IBA krijgt een kwakkelende regio een nieuwe identiteit en toekomst aangemeten. In navolging van het Ruhrgebied is er ook in Parkstad Limburg een IBA geweest. Met als insteek: het is zaak om niet in zak en as te blijven zitten, maar nieuwe regionale krachten wakker te kussen.
In Limburg zijn dat de ligging, de relatief lage huizenprijzen en de ruimte. “De Randstad slibt al jaren dicht”, zegt Roemer. “Fatsoenlijke huisvesting is voor normale gezinnen niet meer te betalen. Daardoor gaan bedrijven en mensen naar andere delen van het land kijken.”
Net als Zeeland mikt Limburg op een symbiose tussen bedrijfsleven, industrie en onderwijs. Hiervoor zijn vier Brightlands-campussen in het leven geroepen, die onder andere verbonden zijn aan het grote chemiecluster Chemelot bij Sittard-Geleen en het logistieke knooppunt bij Venlo. Ook werkt Limburg al jaren samen met de Duitse en Vlaamse buurregio’s aan de mogelijke komst van de Einstein Telescope die zich gaat richten op zwaartekrachtgolven.
Bontje blijft echter beducht voor grote groeiplannen. “De langetermijnprognoses wijzen erop dat krimp een structurele ontwikkeling blijft in sommige regio’s, en in andere regio’s weer zal terugkomen. Zuid-Limburg en Zeeland krimpen misschien niet zoveel meer, of misschien is er zelfs wat groei, maar andere regio’s staat waarschijnlijk meer krimp te wachten. Vooral in Noord-Nederland, maar bijvoorbeeld ook in Midden-Limburg en de Achterhoek.”
Door Jurgen Tiekstra
Hugo de Jonge

Hugo de Jonge is sinds september 2024 commissaris van de koning in Zeeland. Daarvoor was hij wethouder in Rotterdam en minister in de kabinetten Rutte III en IV, eerst op Volksgezondheid, daarna op Binnenlandse Zaken.
Emile Roemer

Emile Roemer is sinds december 2021 gouverneur in Limburg. Daarvoor was hij onder meer wethouder in Boxmeer en Tweede Kamerlid namens de SP.
“We zijn een plek van vertrek, maar willen een plek van aankomst worden”
Zeeland 2050
Hier is hij: de Strategische Agenda Rijk-Regio Zeeland 2050.
"Op dit moment hebben we zo'n 10.000 vacatures. Die zijn moeilijk in te vullen en dat wordt alleen maar lastiger"
Toekomstvisie Limburg 2050
Wat voor Limburg willen we in 2050 zijn?
“De kunst om een regio opnieuw uit te vinden, ontstond in de voormalige DDR”
Overzicht van artikelen
Toekomstgeluiden

